Krachtens de wet van 28 december 1989 kan iedereen tijdens zijn leven een laatste wilsbeschikking opstellen.
Bij een overlijden moet men nagaan of de overledene zelf wilsbeschikkingen heeft geuit voor zijn of haar begrafenis of crematie. Deze laatste wilsbeschikking kan de overledene vastgelegd hebben in een testament of met een formulier "Wijze van teraardebestelling na overlijden". Dit formulier is te verkrijgen bij de dienst burgerlijke stand die er voor zorgt dat het bestaan van de wilsbeschikking genoteerd wordt in het Rijksregister.
De overledene kan zelf wilsbeschikkingen hebben geformuleerd
| voor de begrafenis; | |
| i.v.m. orgaandonatie; | |
| i.v.m. eventuele erfenissen. |
De overledene kan zijn/haar laatste wilsbeschikkingen vastgelegd hebben in een handgeschreven document dat hij/zij thuis of in een bankkluis bewaarde of in een testament dat bij de notaris bewaard wordt.
Deze gegevens moeten schriftelijk aangevraagd worden, vergezeld van een overlijdensattest.
Het registratiekantoor zal u enkel meedelen of er een testament is en welke notaris het heeft opgemaakt. Enkel de notaris kan de inhoud ervan meedelen.
Neem in elk geval contact op met een notaris indien:
| u weet dat de overledene een testament heeft opgemaakt; | |
| u zelf een testamentair document vindt in een bureau, kast ...; | |
| er onder de erfgenamen minderjarigen zijn of personen die wettelijk onbekwaam werden verklaard hun goederen te beheren; | |
| de nalatenschap onroerende goederen bevat (vb. grond, huis) |
